Historie

Naamgeving van de school
Sint Bavo werd als Alwin of Allowin rond 589 in de buurt van Luik geboren. Hij was de zoon van Pippijn I van Landen, een Frankische hofmeier van Austrasië onder de Merovingische koningen Clothar II, Dagobert I en Sigibert III.
Pippijn zou drie kinderen krijgen die later heilig werden verklaard: Allowin (St.Baaf of Bavo; Gertrudus van Nijvel en Begga.
Over Allowin van Haspengouw, die als bijnaam Bavo had, een soort koosnaampje dat te vergelijken is met het engelse “baby” gaat het verhaal dat hij een wilde jeugd zou hebben gehad en dat hij bekend stond als een egoïst, die een losbandig leven leidde als jager en valkenier en hij gold als een tiran voor zijn onderdanen. Bedienden die niet voldeden verkocht hij als slaaf.
Volgens het levensverhaal dat werd geschreven rond 950 was hij getrouwd met een dochter van de Merovingische graaf Adilio. Ze kregen een dochter, Agletrudis. Toen zijn vrouw plotseling stierf kwam Bavo tot inkeer. Hij besloot niet te hertrouwen en werd een volgeling van Sint Amandus, ook wel de apostel van Vlaanderen genoemd. Bavo vestigde een Abdij op zijn grondgebied in Gent die hij overdroeg aan Sint Amandus. Bavo werd een monnik in dit Benedictijnerklooster en ging met Amandus mee om te preken. Ook deed hij werken van barmhartigheid als kluizenaar in een holle boom (net als de Limburgse Sint Gerlach) en later in een cel in een woud in de buurt van de abdij. In 655 stierf hij een natuurlijke dood. Op zijn begrafenis gebeurde direct een wonder. Een door de duivel bezeten vrouw raakte zijn stoffelijk overschot aan en was onmiddellijk genezen. Hij werd begraven in de abdij Ganda, bij de samenvoeging van de Leie en de Schelde bij Gent, die later werd omgedoopt in de Sint Baafsabdij.

Patroon van de valkeniers
Het verhaal gaat dat hij ooit werd gevangen genomen voor de diefstal van een witte valk en veroordeeld werd tot de strop. Terwijl hij onder de galg stond dook er uit het niets een witte valk op die op de galg landde. Dit bewees de onschuld van Allowin, die daarin een teken van God zag.

Patroon van Haarlem
Toen de stad in 1268 werd belegerd verscheen Bavo als ridder in krijgsgewaad met opgeheven zwaard in de rechter- en een valk in de linkerhand. Door zijn verschijning op de wolken werden de belegeraars bang en sloegen op de vlucht. Uit dankbaarheid maakten de bewoners van Haarlem Sint Bavo tot hun schutspatroon en gaven hun hoofdkerk op de Grote Markt zijn naam. Zijn feestdag is op 1 oktober.

Geschiedenis van de school
De Bavokring is ontstaan uit het samengaan van een aantal scholen in Kralingen. De in 1881 gestichte St. Marthaschool in de Wollefoppestraat is de oudste daarvan. Deze meisjesschool werd in 1896 door de RVKO overgenomen. In dat jaar werd ook in de Wollefoppestraat de St.Lambertusjongensschool gebouwd. De St.Franciscuskleuterschool in de Wollefoppestraat dateert ook van 1881 en de in de Hoflaan gevestigde kleuterschool van de H.H.Engelbewaarders werd in 1896 geopend.In 1948 wordt aan de Hoflaan in de leegstaande lokalen van de B.L.O. de Lambertusmeisjesmulo geopend. In 1959 worden de meisjesscholen aan de Hoflaan en Waterloostraat samengevoegd. In 1966 worden de scholen van de parochie H.H.Antonius en Rosalia ( ‘t Bosje) overgenomen.
Per 1 augustus 1970, bij de overname van de Zusters Franciscanessen van Bennebroek van de kleuterleidster opleiding St.Lucia, worden tevens de Lucia Mavo uit de Hennekijnstraat en de Immaculatae Conceptioni Mavo ( ‘t Bosje) gefuseerd met de Lambertusmavo.
In 1973 werd de St. Bavoschool aan de Hoflaan overgenomen door de RVKO samen met de eerder genoemde kleuterschool. De schoolgebouwen van de Wollefoppe- en Waterloostraat en ook van de Hoflaan voldeden niet meer.
Er komt een nieuw schoolgebouw aan de Willem Ruyslaan. Toen werd ook een nieuwe naam gekozen: De Bavokring , waarbij verwezen wordt naar de Bavoschool en al die scholen er omheen die ooit werden opgenomen in de kring. De broeders van Maastricht, waaronder de legendarische broeder Cajetanus en de zusters van J.M.J. uit Den Bosch, die op 1 maart 1896 voor de RVKO een bewaar- en naaischool startten, waar op het einde van dat schooljaar 125 kleuters en 26 meisjes als betalende leerlingen waren ingeschreven, hadden zich toen al terug getrokken uit het onderwijs in Kralingen